zaterdag 25 februari 2012

ruik, voel en hoor !!!


Het is nog maar een dikke twee weken geleden geweest dat we te horen kregen dat de  elfstedentocht niet door ging. Een paar dagen later stonden we met -10 in het bos klaar voor de looptraining. Ik had het koud (dûh!) en ik sprak mezelf moed in met de woorden: nog een paar weken, dan kunnen we weer in korte mouwtjes lopen. Volgens sommigen was dat een tikkie overdreven, wel heel erg positief, en zou dat nog wel even langer duren.

En jawel, ik kreeg gelijk. Vanmorgen was het ineens lente. Ik rook het, ik voelde het, ik hoorde het. Ik schreef toen over 1 vogeltje dat zich waagde aan zijn lied. Vandaag kwetterde het hele bos gezellig mee! Nu heb ik het zelf al gauw warmer dan de gemiddelde mens en sta ik zelf niet op de foto, maar de jasjes konden uit hoor!  Is het geen heerlijk zonning plaatje?




Op de fiets terug naar huis zag de plas er ook zo lekker lente-achtig uit...

Tuinkriebels, opruimkriebels, zaaien-voor-de-moestuin-op-het-dakterras-kriebels, raamzeemkriebels.... dat kreeg ik ervan, maar er kwam allemaal weinig van terecht. Boodschapje hier, ritje daar. De dag was er goed mee gevuld. Maar wat is het toch heerlijk om al die ritjes en boodschapjes zonder jas te kunnen doen!

Nu ik deze twee foto's zo onder elkaar zie, realiseer ik me dat dat misschien wel het mooie en bijzondere is aan de omgeving waar ik woon. Aan de ene kant de Brabantse Wal, met de heuvels en de bossen. Aan de rand van de wal, als je de andere kant op gaat, de uitgestrekte vlaktes, het 'zilte', het water...Hier eet ik van twee walletjes :-) :  ik kan van allebei de kanten enorm genieten.



maandag 20 februari 2012

afwisseling

 
‘Volgende week’,  zei de meester, ‘heb ik een verrassing. We gaan dan op donderdag geen taal en rekenen doen. We doen iets leutigs.’

Bij het woord verrassing voelde Jip een kriebel in zijn buik. En bij het woord leutig werd hij week. Leutig… dat woord dat had te maken met carnaval. Dat klonk niet goed.

‘Donderdagmiddag gaat iedereen met de fiets naar school. We gaan op bezoek bij de bouwclub.’

Zie je wel! Jip wist het. Dat deden ze vorig jaar ook en dat was helemaal niet leuk. Al die bewegende poppen. En dan liep iedereen verkleed met maskers en stomme gordijnen  en krabben. Jip werd altijd bang als hij krabben zag. Het weke gevoel voelde nu als buikpijn.

‘Maar nu gaan we eerst even terug naar die breuken die jullie gisteren hebben geleerd’.

Jip was er al niet meer bij. Hij zat al met zijn hoofd bij de poppen en de krabben. Hij haatte carnaval. Kon hij zeggen dat hij daar bang van was? Hij was toch al 11? Zijn klasgenootjes zouden hem vast uitlachen. Iedereen vond het leuk, behalve hij. En hoe moest dat met die fiets als het buiten glad was? Kon hij niet gewoon op school blijven en rekenles krijgen?

Jip hield niet van veranderingen. Op brood eet je grillworst met mosterd en als dat op is pindakaas. Die met de gele deksel. Op vakantie ga je naar Duitsland. En spelen doe je met lego. Zijn moeder had hem uitgelegd waarom hij dat zo makkelijk vond. Waarom hij niet van verrassingen hield. Het kwam door zijn autisme. Dat stomme rot-autisme ook altijd…

Jip kon er zo boos om worden. Ze wisten toch dat hij niet van verrassingen houdt? Waarom houdt niemand dan rekening met hem?

‘Jip’, riep de meester, ‘wat droom je toch’?

O, ja, breuken….



zie je wel, daar rechtsonderin, op dat zwarte hoedje... daar zit er alweer één...
 



We-300 is een schrijfoefening/uitdaging van Plato: Schrijf een verhaal/blog van exact 300 woorden over een bepaald woord, maar gebruik dat woord niet in de tekst. Dit keer was het woord: afwisseling.
Meer lezen/meedoen?
http://platoonline.wordpress.com


En mocht er iemand denken... ik mis wat details... waarom krabben, wat is dat met die grodijnen, ik mis wat informatie... hier"*klik*  staat een stukje over het carnaval in Bergen op Zoom, of beter gezegd: de Berregse Vastenavend.

maandag 13 februari 2012

'De steengroeve van Gentilly"

Jip is zijn boekenbeurt aan het voorbereiden. Hij heeft, tot groot genoegen van zijn meester, qua lievelingsboek, een nogal afwijkende smaak  ten opzichte van zijn klasgenoten. Geen Fantasia, Geronimo Stilton, Grijze Jagers of andere fantasy. Hij leest een oud en degelijk verhaal: Alleen op de wereld.

En ja... dat was, nee is, ook mijn lievelingsboek. Ik weet nog dat ik het de eerste keer las. Wat heb ik gehuild. Toen Remi bij moeder Barberin wegging. Toen één voor één de honden dood gingen, gevolgd door het aapje. En later toen ik het her- en herlas, ook al wist ik wat er komen ging.... Keer op keer moest ik bij dezelfde passages huilen.

Omdat het nogal een omvangrijk boekwerk is, geschreven in een beetje ouderwetsche taal, en omdat de datum van de boekenbeurt toch nadert, besloot ik Jip een stukje voor te lezen.

Laat ik nou net de passage treffen dat ze Remi en zijn meester de ingang van de schuilplaats bij de steengroeve niet kunnen vinden. Uitgeput en onbeschut vallen ze in slaap. Zijn meester Vitalis overlijdt door de kou. Remi raakt langzaam bewusteloos en droomt dat moeder Barberin hem vol liefde aankijkt en haar armen naar hem uitsrekt en maar niet dichterbij komt.... In de aanloop naar deze scène (ik weet precies wat er komen gaat na zoveel keer lezen) werd het lezen al moeilijker vanwege de waterige oogjes. En op het einde van het hoofdstuk biggelden de tranen weer over mijn wangen. En Jip keek me eerst vol verbazing aan, maar  huilde al gauw met me mee...

Mama, zei Jip, ik vind het zo'n droevig boek, maar het is het mooiste boek wat ik ooit gelezen heb.

Ik heb nog maar even een kwartiertje doorgelezen. Pas toen Remi liefdevol was opgenomen in het gezin van tuinman Aquin durfde ik te stoppen. Jip snikte nog een beetje na, maar viel gelukkig toch gauw in slaap.

Mooi... dat sommige verhalen van alle tijden zijn...

zondag 12 februari 2012

Principes

Er was een tijd dat ik me vanalles had voorgenomen.
Toen ik zwanger was.
Toen Jip nog een baby was.
Jip zou 's morgens geen tv mogen kijken als ik uitsliep. Jip zou geen tekenfilms mogen kijken met geweld erin. Jip zou niet met geweren mogen spelen. Jip zou geen uren per dag achter een beeldscherm mogen zitten. Jip zou niet in legerkleren rond mogen lopen: Oorlog is niet leuk, oorlog is geen mode. Dus dat gaan we ook niet uitdragen.

Het zal jullie niks verbazen... de meeste principes zijn inmiddels overboord gegooid. Jip is immers een jongetje. En veel jongetjes vinden het leuk om naar tekenfilms te kijken waarin ze erkaar neermeppen en met hetzelfde gemak weer opstaan. Zijn lievelingsspeelgoed is zijn knalgele Nerf-geweer. Jip kan zich uren vermaken achter de computer. En als hij de computer uitzet, dan gaat hij verder op mijn i-phone, zijn DS of televisie. Zijn ouders geven hierin het goede voorbeeld.
Hij speelt (en ja, dat is nog wel een hele grote ergernis en eigenlijk wat mij betreft een no-go) Battlefield op de computer. Liefst samen met zijn vader.
En na lang zeuren heeft hij ook een legerbroek. Niet eens zomaar toevallig in zijn schoot geworpen gekregen. Nee, eigenhandig gemaakt door zijn moeder. Je weet wel, die moeder die altijd vond dat haar kind niet in legerkleren hoefde te lopen.

Vandaag heb ik het laatste puntje op de i gezet. Of liever gezegd, zijn vader heeft geholpen. Met grof geweld moest de knoop door de stof heen geslagen worden.

Maanden ben ik eraan bezig geweest. Het naaitempo wat ik een paar jaar geleden had, is gedecimeerd. Teveel andere hobby's die de tijd opeisen. Gelukkig heb ik nog wekelijks mijn naailesjes, dan gebeurt er nog eens wat. En ik vind het nog steeds heerlijk om te doen.
Voor jongens is het toch wat meer werk dan voor meiden. Daar waar je voor meiden met een leuk stofje en een simpel patroontje in no-time iets leuks tevoorschijn tovert, bij jongens zij het  juist de dubbele sticksels, de grote zakken met kleppen en andere tijdrovende versiersels die een broek leuk maken.

Er kleeft inmiddels echt bloed aan die combat-broek. Tijdens het maken van het knoopsgat prikte ik mezelf zo gigantisch met mijn tornmesje in mijn vingers.... grote rode vlekken sieren nu het knoopsgat :-) Hij is gesigneerd zullen we maar zeggen.

Oké... we hebben een compromis gesloten. Hij heeft zijn combat-broek, maar hij mag hem alleen aan met buitenspelen. Hij mag er niet mee naar school. Ik laat jullie raden hoelang mijn laatste principe zal duren ;-)


zaterdag 11 februari 2012

het hemeltje van 2012

Lijnrecht tegenover de Friesche hel van 1963 lag vandaag het Brabantse hemeltje van 2012. En dat bijna in onze achtertuin.

Het eerste deel van vandaag is bijna een copy-paste van vorige week *klik*. Met het verschil dat het bij de looptraining van vanmorgen wel 2 graden warmer was ;-) .

Na de training ben ik als een speer naar huis gereden, heb ik mijn benen warmgedouched, en heb ik mijn schaatskleren aangetrokken. Vandaag zou de tourtocht op de Binnenschelde gereden worden. En wat boften we toch met het weer. De zon deed weer mee, er was een fris windje, maar als je rondjes rijdt, dan heb je hem even tegen, en dan weer een stukje mee. Tegen de tijd dat het koud wordt, kun je tijdens het stukje wind in de rug weer even lekker opwarmen.

Op de plas was een route uitgezet van 6.4 kilometer. Met vier stempelposten. 1 rondje was goed voor een medaille. Maar je mocht eigenlijk zoveel rijden als je wilde.
Helaas, voor een moeder met schaatsbloed is het bijna niet te verteren, we kregen Jip niet mee het ijs op vandaag. Ook goed... of eigenlijk, helemaal niet goed maar niks aan te doen, dan gaan we met zijn drieën. Jannekes vriendinnetje en haar vader haakten gezellig aan, en met zijn vijven trokken we ten strijde.



Na 1 rondje hield Janneke het voor gezien. Een welverdiende medaille werd haar uitgereikt.



En wat is het dan toch fijn om zo'n plas dicht bij huis te hebben. We hebben haar naar huis gestuurd, en met Mr.C. heb ik nog een extra ronde geschaatst. Ook Mr.C. hield het voor gezien. En toen kon ik los :-) Ik heb geschaatst tot mijn benen echt niet meer konden, tot ik nat was van het zweet, tot het zweet begon af te koelen,  tot ik het koud kreeg, en ook  de Schrobbelèr (schrijf ik dat zo goed?)  en de zon me niet meer op konden warmen op het stukje waar ik de wind in de rug had. Wat was dat toch weer lekker!

Ik vrees dat het morgen de laatste schaatsdag kan zijn. Misschien maandag nog maar daarna is het écht over.

Nog 1 lichtpuntje: Van de week hebben we een huisje geboekt in Biddinghuizen. Wat moet je nou midden in de Flevopolder in een gat als Biddinghuizen? Daar is, jawel, een ijsbaan van 5 kilometer lang. Hebben we over een paar weken nog even lekker een toetje!